chic

Chic


Chic
Chic [soms geschreven als CHIC] is een Amerikaanse disco/funkband die in 1976 werd gevormd door gitarist Nile Rodgers en bassist Bernard Edwards. Chic is vooral bekend geworden door hun discosongs, waaronder Dance, dance, dance [Yowsah, yowsah, yowsah] [1977], Everybody Dance [1977], Le Freak [1978], I want your love [1978], Good Times [1979] en My forbidden lover [1979]

1976-1978: Ontstaan en eerste samenstellingen
De gitarist Nile Rodgers en basgitarist Bernard Edwards ontmoetten elkaar in 1970. Al snel vormden ze een rockband, The Boys geheten [later The Big Apple Band]. Ondanks veel interesse voor hun vroege demo’s kregen ze geen platencontract. Platenmaatschappijen haakten af zodra ze erachter kwamen dat de bandleden zwart waren; in die dagen werden zwarte artiesten niet geacht rockmuziek te spelen.

Onverschrokken gingen Edwards en Rodgers door. In 1977 werd Tony Thompson, voormalig drummer van Labelle en Extacy, Passion & Pain, gevraagd om deel uit te gaan maken van de band. Een tijdlang speelden ze als trio voornamelijk covers op kleine optredens. Tot enige tijd later Norma Jean Wright zangeres van de band werd. Zij zong vanaf dat moment op de demotapes en op alle nummers van het later dat jaar verschenen eerste album [simpelweg “Chic” geheten].

Het debuutalbum en de singles Dance Dance Dance en Everybody Dance werden onmiddellijk een succes en Chic trad op als kwartet tot februari 1978. Rodgers en Edwards dachten dat een tweede zangeres zowel visueel als geluidstechnisch beter zou zijn voor de liveoptredens en op suggestie van Wright werd haar vriendin Luci Martin in de vroege lente van 1978 lid van de band.

Meteen na de sessies voor hun debuutalbum werkte Chic aan Norma Jean Wrights eerste soloalbum. Dit werd uitgebracht in 1978 en het nummer Saturday werd een hit in de clubs. Het soloproject was bedoeld om naast haar Chicwerk te doen, maar contractproblemen [Wrights soloalbum was uitgebracht voor een ander platenlabel] noopten haar de band te verlaten.

1978-1979: Le Freak en Good Times
Tegen het einde van 1978 bracht de band het album C’est CHIC uit, met daarop het nummer Le Freak. Dit nummer werd als single uitgebracht en was een enorm succes. Het haalde de eerste plaats in de Amerikaanse hitlijsten en er werden meer dan zes miljoen exemplaren van verkocht.

Het daaropvolgende jaar bracht de groep het album Risqué uit en de single Good Times, een van de belangrijkste singles uit die tijd. Samples van het nummer werden onder meer gebruikt door Grandmaster Flash in “Adventures on the Wheels of Steel” en door de Sugarhill Gang in hun single “Rapper’s Delight”, die de doorbraak van de hiphop betekende. Het nummer is later nog talloze malen gesampled door diverse hiphop- en danceacts.

Tegelijkertijd componeerden, arrangeerden en produceerden Edwards en Rodgers vele invloedrijke disco- en r&b-platen voor andere artiesten, onder meer Sister Sledge, Sheila and B. Devotion, Diana Ross en Debbie Harry.

1980-heden: Opheffing en andere projecten

Leden van Chic
Aan het begin van de jaren 80 was Chic op het hoogtepunt van haar roem maar maakte de sterke opkomst van de door de [voornamelijk blanke] platenindustrie aangewakkerde “Disco sucks” beweging in rap tempo een einde aan de lucratieve markt voor hun muziek. Als gevolg hiervan werden nieuwe nummers van de band steeds minder uitgezonden op de radio en daalden de verkopen hard.

Rodgers en Edwards, altijd al politiek geëngageerd geweest, verbitterden hierdoor, hetgeen o.a. ook tot uitdrukking kwam in hun songteksten. De technische ontwikkelingen in de muziekindustrie, zoals de opkomst van drumcomputers en synthesizers, verdeelde hen verder. Rodgers was fanatiek geïnteresseerd in al deze nieuwe mogelijkheden, terwijl Edwards meer van de klassieke school was en wilde blijven. Hoewel de band nog diverse albums maakte groeiden Rodgers en Edwards steeds verder uit elkaar en besloten in 1984 uiteindelijk een punt achter Chic te zetten. Dit besluit was mede het gevolg van het feit dat beiden in korte tijd zeer succesvol werden als soloproducers.

Rodgers en Edwards produceerden afzonderlijk platen voor een groot aantal artiesten. Zo was Rodgers in 1983 de producent van David Bowies zeer succesvolle album Let’s Dance en Madonna’s doorbraakalbum Like a Virgin [1984]. Edwards produceerde in 1985 het album van de supergroep The Power Station, waarin Thompson drumde en die verder gevormd werd door Duran Duran-leden John Taylor en Andy Taylor en zanger Robert Palmer [wiens soloalbum Riptide het volgende jaar ook door Edwards geproduceerd zou worden]. Tevens was hij de man achter de Duran Duran-single A View To A Kill, het thema van de gelijknamige James Bondfilm. Ook Rodgers werkte met Duran Duran. Hij produceerde voor hen het album “Notorious” [1986] en speelde ook gitaar op dit album. Rodgers en Edwards bleven door de jaren heen bevriend, maar hun beider successen als producers zorgden ook voor toenemende rivaliteit. Desondanks vroegen ze elkaar regelmatig om mee te spelen op hun grote producties. Zo speelt Edwards bas op 4 tracks op Madonna’s album “Like a Virgin”. Beide producers bleven ook veelvuldig werken met Chic-drummer Tony Thompson, die in 1984 zelfs mee op tournee ging met David Bowie.

Na de dood van Edwards en Thompson reanimeerde Nile Rodgers Chic opnieuw in 2003 en toert sindsdien tot de dag van vandaag met enige regelmaat over de wereld met de band.

 

Bron: Wikipedia [klik hier voor volledige biografie]